2014-05-24 Verslag Voorjaarsexcursie 2014

Op zaterdag 24 mei jl. om 14.00 uur had zich een 30-tal leden en belangstellenden verzameld op de parkeerplaats hoek Gortelseweg/Wildweg in Vaassen voor onze jaarlijkse voorjaarsexcursie.

De excursie, onder leiding van Mevr. Nathalie Vossen, regioarcheologe van o.a. de gemeente Epe, stond in het teken van de vorig jaar officieel geopende 6 km. lange grafheuvellijn in onze gemeente. Deze voor Nederland en wellicht ook voor Europa unieke grafheuvellijn bestaat uit ca. 96 grafheuvels waarvan de oudste ongeveer 5300 jaar oud zijn. De grafheuvellijn, die in zijn totaliteit niet meer geheel is te traceren, komt uit bij de Grote Kerk in Epe. Op het grondgebied van de Gemeente Epe komen in totaal nog 150 grafheuvels voor.

Het tracé van de grafheuvellijn ligt deels in het gebied van het Kroondomein en van de Gemeente Epe.

Zo is het idee ontstaan om de grafheuvellijn Epe-Vaassen als cultuurhistorisch erfgoed niet alleen voor de toekomst te beschermen maar deze ook inzichtelijk en beleefbaar te maken. Daarvoor zijn er vorig jaar in samenwerking met het Kroondomein en de Provinciale Staten van Gelderland een 18-tal zg. informatie-pollers onthuld die dit voorjaar bij een aantal grafheuvels van de grafheuvellijn zijn geplaatst. Het zijn kleine ronde vitrinekastjes die uit de grond getrokken kunnen worden met visuele informatie over grafheuvelvondsten. Langs deze pollers is ook een wandelroute te volgen, die wij tijdens de excursie hebben gelopen. 

In Nederland kwamen oorspronkelijk ca. 14.000 grafheuvels voor, merendeels gelegen op de Veluwe, waarvan er nu nog zo’n 4000 over zijn. De meesten zijn door erosie en vergraving verdwenen. Verschillende grafheuvels in het gebied van de grafheuvellijn en zeker de oudste, zijn in het hedendaagse heidelandschap nog goed te herkennen, omdat dit niet veel veranderd is sinds het ontstaan van de grafheuvels. Aangenomen wordt dat grafheuvels in het verleden dienst deden als oriëntatiepunten in het landschap.

Over de inhoud van de grafheuvels is niet erg veel bekend. In sommige komen naast menselijke overblijfselen ook dierresten voor en bij één ervan is een paalstructuur met rondom een greppel ontdekt.

In 1918 zijn voor het eerst grafheuvels in het Kroondomein wetenschappelijk onderzocht en wel door de archeoloog Holwerda in opdracht van Koningin Wilhelmina. Er bleek sprake te zijn van een bepaalde architectuur in de grafheuvels. De oudste zijn van de zg. enkelgrafcultuur maar er zijn ook (later gedateerde) grafheuvels waarin 11 personen zijn begraven. De ouderdom van een grafheuvel wordt gerelateerd aan de vondsten van bv. grafgiften maar kan ook vrij nauwkeurig worden vastgesteld op basis van koolstofdatering. Grafgiften bestonden naast bv. sieraden ook vaak uit een standaardset van gebruiksvoorwerpen, waar de overledene in het hiernamaals gebruik van kon maken.

In de grafheuvellijn komen over ca. 1.5 km. 6 grafheuvels voor die dateren van ongeveer 2800 v. Chr. In de periode van 2000-1800 v. Chr. komen er geen nieuwe grafheuvels voor en worden overledenen bijgezet in bestaande grafheuvels. In de periode van 1800-1400 v. Chr. komen er relatief veel nieuwe voor, van 1400-1100 weer minder. Vanaf 1100 v. Chr. worden er om bestaande grafheuvels heen urnenvelden aangelegd waarin resten van heel veel gecremeerde overledenen worden aangetroffen. Uit de IJzertijd (ca. 900 v. Chr. tot het jaar 0) worden urnenvelden gevonden, waarin als grafgiften o.a. spintolletjes voorkomen.

In één van de pollers komt een kabouter voor omdat met name in de laatste periode dat er grafheuvels ontstonden, deze vaak te maken hadden met magische gebeurtenissen of dat er bepaalde legenden aan ten grondslag lagen.

De zeer interessante excursie eindigt onder dankzegging voor de deskundige begeleiding van Mevr. Vossen, bij het ca. 75 ha. grote zg. Celtic Field uit de IJzertijd naast de parkeerplaats.