logo

A.. Archief Klooster Nazareth

A. Archief Klooster Nazareth (twintig genummerde charters)

 

Gebruikte afkortingen:

N:, Z: enz. betekent noordwaarts, zuidwaarts enz. ggld: goudgulden, mrg.: morgen, mld.: molder, sch: schepel, wed: weduwe, & : gehuwd met, gnt.: genaamd

 

Charter 1: Goed Broekhuis, Oene, d.d. 1447 en 1547.

  1. Wij Peter Lamberts & Aertsche ten Oesterhove, met momber Egbert die Greeff, geven erfelijk -vanwege weldaad aan ons gedaan- ons goed Brouckhuss met dan kampje daarbij gelegen en ook de Hoeg Kamp (O+N: de susters van Oen, W: Brouckhussstraete, Z: Eperstraete) en de beide maatkens (O: Schymmelpenninck erfg., W: Gert Oesterenhoff erfg. Z: dat convent, N: Wyllem de Ruters erfg.), alles in Oene gelegen en van onze ouders aangeërfd, aan het Convent. Ca. 1547 (Deze datering klopt niet, terwijl de transactie niet doorging; zie charters 16 en 18).

  2. In dorso (op de achterkant): Wij Geryt van Broeckhusen & Ercke alsmede Gheryt en Jacob, echtekinderen van Ercke, verkopen aan de zusters van het Convent, 21 morgen en 2 ½ hont land, gelegen te Broekhuss (geeft jaarlijks een ½ olde groot tyns). Bezegeld, St Matheusdag 1447.

Charter 2: een magescheid (boedelscheiding) d.d. 18-3-1452.

Johan Wenemerszone en Johan Walterszone, magescheidslieden ten behoeve van Aliden wed. Dirck Smits, aan de ene zijde en Evert Bengert en Werner Willemszone, wegens Henrick Bengert & Katharine, Hermans te Averwater & Mijnten en Johan Wolfss & Geertruden, aan de andere zijde, komen overeen dat het laatste genoemde echtpaar zal vanaf heden het land van Dirck Smit krijgen.

 

Charter 3: overdracht land in Nijbroek d.d. 18-6-1453.

Wyer Stevensoen, richter in Nijbroek, Andries van Werven en Henrick Wolterssoen, schepenen, oorkonden dat Gele Henrixsoen en Efse des Groten, met hun momber aan Johan van Venen, ten behoeve van het Convent, het land en erf dat Efse van Johan Wolters, haar broer, is aangekomen, gelegen in Nijbroek aan de Hoege Woelde, tussen land van Convent, alsmede de Vloeddijk, Middeldijk en Veluwse Wetering, overdragen.

 

Charter 4: Een bekentenis (getuigenis) d.d. 3-4-1460.

Egbert Janss en Wimmel Gockinss doen een bekentenis in de zaak Wolt en Dirick Ysbranss.

 

Charter 5: Land op de Hacht, Oene, d.d. 13-4-1464.

Johan van Brenen & Stine, Helmich toe Kamphusen & Fenne, dragen twee stukken land te Oene op de Hacht over. Het betreft een wissel van land.

 

Charter 6: een stuk land in Oene, d.d. 15-6-1468

Otte van Steenbergen & Jonkvrouw Aleyt verkopen aan de zusters van Convent een stuk land gelegen bij de zusters vaelt (Z: Willem ten Voirde, W: de zusters, N+O: de straat)

 

Charter 7: land in de Eecmaet, Oene, d.d. 1-2-1470.

Aleit, Engberts van Drechts weduwe, met consent van haar zonen Dietsmer, Henric en Loeniss, verkoopt aan Heer Peter Servaess of de houders van de brief, een stuk land te Oene in die Eecmaet, gr. ½ mrg., waar mede in geland zijn Heer Peter voornoemd en Jutte Gherardi Kosters, gelegen tussen land van Arnt ten Venen en Otte van Steenberghen.

Zegelaars: Roloff van Lair en Gosen die Wilde.

 

Charter 8: land in de Eecmaet, Oene, d.d. 29-11-1473.

Jan Willems & Griete verkopen aan het Convent een stuk land, groot 1 ½ hont land, in die Eecmaet, voorheen bezit van Ghertrut Enghekijns, maar nu de zusters (Z: Otto van Steenbergen, N: Arnt Venen en de zusters).

Waarborgen: Henric Engkints, broer van Griete, en Gherit Hillebrantszoene.

Zegelaars: Roloff van Lair en Henrick van Uenen.

 

Charter 9: (slecht leesbare charter) d.d. 7-9-1478.

Genoemd: Willem Kryngk, Andries van Vermoeden en Gosen die Heyde.

Heer Claes, pater te Oene en de gemene zusters en broeders des kloosters.

 

Charter 10: Het Sandt, te Oene, d.d. 12-5-1480.

Willem Gerrits van Venen & Alijt, Henric Thimanss & Heijle, Godert Thimanss & Wendele, Mechtelt en Gertruyt Wimmer Godekijnsdochters, verkopen de helft van een kamp land geheten Dat Sant, aan Nellen Suaw; die reeds een deel bezat. (O: de prior opten Berg en Steven Bonckinc, Z: Willem van Sweten, N: Gheryt Hughinc, W: Wolsche Wetering)

 

Charter 11: een jaarlijkse rente uit land in Mastebroek, Overijssel, d.d. 7-3-1486.

Alijt, echtewijf van Mr. Pauwel van Pellandt, Stijne, haar zuster, met Henrick Scheisbagge, hun vader, geven Alijt, wed. van Henrick Koeckmans, 20 herenponden (eertijds door vader Scheisbagge gekocht), gaande jaarlijks uit 4 morgen land, de erfg. van Lambert van Yrte toebehorend, in Mastebroek.

 

Charter 12: een stuk land in Oene, d.d. 13-7-1493.

Andries van Venen verkoopt aan het convent een stuk land te Oene (N: Aelbert die Ruter, W: de zusters, Z+O: de straat).

De zusters zullen elk jaar in zijn hof een ½ olde groot tyns betalen.

Wijnkoopslieden: Peter Servaes, Herman Worm, Peter Gheryts en Helmich van Venen

 

Charter 12: verrekening jaarlijkse tijns uit Hoenserve, Gortel, d.d. 29-7-1499.

Karel van Egmond, hertog van Gelre laat weten dat ‘onze pater en mater en gemene zusters des convents’ jaarlijks uit hun goederen te Gortel, genaamd ‘Hoenserve’, zeven goudguldens geven. Nu zij hem 125 goudguldens hebben geleend voor zijn reis naar Frankrijk mag dit verrekend worden.

 

Charter 13: akker Oldenhof, Oene, d.d. 7-7-1511.

Gheryt van Eem & Johan ter Hoven geven aan het Convent een akker achter hun Oldenhof op hun heetveld, aangekomen van hun ouders, waarop het klooster een windmolen mag zetten, met een weg en uitweg ten behoeve van de molen. Gegeven als bij testament, zodat het klooster voor hun vrome zielen zal bidden.

 

Charter 14: Drie magescheidsbrieven familie Ten Oestenhave, d.d. 23-1-1514.

Gert ten Oesterhave Derckszoen en Juffr. Lambert en Ercke, broer en zusters, maken een magescheid, waarin is bepaald dat:

Gert krijgt het huis en hof met de mars, waarin hun zalige ouders woonden, en de Lange mergen met de Kettelerscamp.

Juffr. Lambert krijgt het meentken en ½ Hoeghenkamp tot Broyckhuesss en eenmalig het hout dat om de kamp staat.

Juffr Ercke krijgt de hofstede te Broyckhuess, dat kampje en ½ Hoeghenkamp.

Zegelaars: Ghert van Eem en Johan ten Hove.

 

Charter 15: de smalle tiend te Oene, d.d. 24-10-1516.

Frederik van Voorst en Keppel geeft voor 12 jaar in pand over aan Arnolde van Doirt, pater en rector van het Convent, de smalle tiend in kerspel Oene, wegens een vordering van 200 Philipsgulden.

 

Charter 16: Goed Broeckhuis, de Hogekamp en ander land, Oene, d.d. 10-8-1544.

Juffr. Lambert en Ercke ten Oesterhoff alsmede Egbert die Greeve als momber verkopen aan het Convent dat goed te Broickhuysen, een kampje daarbij, voorts Hoighenkamp (O+N: aan het kloostersland, W: Broickhuyserstraet, Z: Eperstraet) alsmede de maatkens, (O: Schymmelpennincks erfg., W: Ghert Oisterhoffs erfg., Z: het Clooster, N: Willem de Ruyters erfg.); aangeërfd van hun ouders.

Voorwaarde: de zusters komen in het klooster wonen, tegen kost en inwoning.

Zegelaars: Heer Alardt Wyllems, pastoor tot Oene en opten Berg te Hattem, Gheryr Huyginck.

 

Charter 17: kopie van 16.

 

Charter 18: Overeenkomst met de gezusters Ten Oestenhoff, Oene, d.d.13-5-1547.

Juffr. Lambert en Ercke ten Oesterhoff, met hun neef Rutger ten Oesterhoff als momber, leggen vast dat zij in 1544 omtrent de herfst hun kost en ‘geracheyt’ in het klooster hadden geregeld, maar dat dit door brand niet is doorgegaan. Komen overeen met Heer Cornelius van Thyella, pater, Joffer Henrickgen ter Kuyll, mater, en Gheertruyt Huyginck, procuratrix, wegens de Conventualen, dat het klooster de goederen behoudt, maar hun jaarlijks zal lijftuchten met 28 goudgulden en 4 mud rogge (daarvoor 4 goudgulden te korten). Indien een der dames komt te overlijden wordt dat respectievelijk 18 goudguldens en 2 mud rogge. Bovendien krijgen zij van de meier jaarlijks 1 paar hoenders en een ½ ton appels.

E.e.a. na tussenspraak met Heer A. van Hattem, pastoor tot Oene en Helmich van Venen.

 

Charter 19: Ruiling van land, Oene, d.d. 7-11-1550.

Heer Cornelius van Thyella, pater, Joffer Henrickgen ter Kuyll, mater, en Gheertruyt Huyginck, procuratrix, wegens de Conventualen, met Heer A. van Hattem, pastoor tot Oene voorts Johan Henricks en Reyner Egbertss, kerkmeester te Oene, allen collators van St. Anthonis vicarie tot Oene en de parochiekerk, alsmede Heer Frans Winther, vicaris van St. Anthonis vicarie, maken een buitschap, aangegaan tussen het convent en Heer Winther. Het convent krijgt een akkertje (O: gemene straat, Z+N: het Convent, W: Arent Ruters erfg.).

Verder is er sprake van Kettelershofstad.

Zegelaars: Johan Koster, Reyner Egberts en Tijman Stuerman.

 

Charter 20: contributie (ter voorkoming van plundering), Oene, d.d. 18-9-1598.

Johan van Bussel van Asten bekend contributie te hebben ontvangen van Berndt Willems, 30 daalders, wegens het klooster.

 

Aanhangsel: uitweg over kloosterland, Heerde (Stadsarchief Deventer, Charterlijst, charter 1019) d.d. 25-9-1528.

Arndt van Dordrich, Hadewich Lubberts, mater, Jutte Onbescheiden, procuratrix van het Convent van Oene, geven aan Daniel Egberts & Heyle, een weg van hun huis en hofstede, gelegen in de buurschap Markel (Markluiden bij Heerde), over land het Convent toebehorende

Evert de Jonge: november 2009