logo

Kort nieuws uit Ampt Epe 222

Geschreven door Aart Schurink

Algemene Ledenvergadering
De algemene ledenvergadering van Ampt Epe wordt dit jaar gehouden op 9 april 2019 in Dorpshuis De Hezebrink, Ds. Van Rhijnstraat 69 te Emst.
Agenda’s en andere documenten zijn ter plekke beperkt voorradig. Net als in voorgaande jaren zijn de agenda, het verslag van de vorige vergadering, het jaarverslag, de begroting etc. te raadplegen op de website van Ampt Epe: www.ampt-epe.nl Tijdens de begrotingsbehandeling zal het bestuur de leden voorstellen akkoord te gaan met een geringe contributieverhoging.

Lekker fietsen: hoe keek men daar vroeger tegen aan?
Eind 19e eeuw, begin 20e eeuw kwam reizen voor een steeds grotere groep binnen handbereik. Het spoorwegnet was rond 1900 groots uitgebreid en had de trekschuit inmiddels ruim ingehaald. De lonen stegen iets en sinds de invoering van de Arbeidswet van 1919 hadden de werknemers recht op één vrije dag in de week; ook de zaterdagmiddag was meestal vrij.
De Veluwe werd ontdekt door kunstenaars, renteniers en gepensioneerden, geholpen door spoorwegstation Nunspeet. Plattelandsbewoners moesten nog wennen aan de fiets, maar de elite uit de stad ging fietsen. Fietsen werd nogal eens gezien als inbreuk op de plaatselijke rust. Paarden konden ervan schrikken en op hol slaan. Fietsers werden verplicht af te stappen en moesten vrezen te worden bekogeld met mest, ze kregen een stok tussen de spaken of werden achtervolgd door honden. Langzamerhand werd de fiets echter belangrijk en leverde hij een bijdrage aan de ontsluiting van het platteland, al waren de wegen weinig fietsvriendelijk.
Vanaf 1883 begon de anwb met de belangenbehartiging van de fietsers. Het eerste bondsrijwielpad in Gelderland liep van Heerde naar de Dellen. Er kwamen verkeersregels. Voertuigen mochten niet harder dan ‘de matige draf van een paard’.
We kunnen het ons haast niet meer voorstellen, nu met de elektrische fiets en de snelfietspaden.

Veldkapellen en wegkruisen
Onlangs kwam ik een interessant artikel tegen over kruisen en veldkapellen. We kennen ze vooral in Limburg en Brabant. Voor zover mij bekend, zijn ze in de gemeente Epe niet aanwezig, maar de gemeente Voorst telt nog drie kapelletjes en twee kruisen.
De meeste kapelletjes komen voor in rooms-katholieke streken langs landwegen, op kruisingen of zomaar in het veld. Het Mariakapelletje aan de Oude Wezenveldseweg bij Twello is een naoorlogs vreugde­monument, gewijd aan Maria Koningin van de Vrede. Het is opgericht door vrijwilligers van de St.-Martinusparochie Duistervoorde en werd enkele jaren geleden geheel gerenoveerd. Jaarlijks wordt er nog een processie gehouden vanaf de kerk in Duistervoorde naar de kapel.
De kapel op landgoed Kleine Noordijk aan de H.W. Iordensweg 91 in Wilp behoorde eerst als fazanterie/duiventil tot de tuinaankleding van het landgoed. Later besloot de eigenaar er een kapel van te maken waarin plaats is voor alle grote godsdiensten. De deur staat de gehele dag open.
Memoriekruisen herinneren aan een dodelijk ongeval, een moord of ramp of ze dienen juist ter voorkoming daarvan. Hagelkruisen moeten bijvoorbeeld hagelbuien afweren. Het kruis van Avervoorde in Terwolde met het jaartal 1570 is mogelijk een memoriekruis voor een verdronken zoon.

Rechtspraak in Elburg

Nummer 108 (76 blz.) van de Oudheidkundige Vereniging Arent thoe Boecop is bijzonder interessant. Het nummer behandelt de rechtspraak in Elburg. Deze was van circa 1233 tot 1811 in handen van schout en schepenen, de stadsbestuurders van Elburg.
Na 1811 kwamen er beroepsrechters: eerst een vrederechter en daarna de kantonrechter. Vanaf 1871 verdween de rechtspraak uit de stad. De laatste doodstraffen werden op 16 juli 1743 uitgesproken. De 24-jarige Johanna Willems werd tegelijk met haar 50-jarige moeder Catharina Kaspers ter dood veroordeeld wegens het doden van Johanna’s pasgeboren kind. Vermoedelijk werd recht gesproken in het pand Beekstraat 33, tegenwoordig Restaurant ’t Olde Regthuys.

75 jaar bevrijding in 2020
De nieuw opgerichte Stichting Vrijheid in de gemeente Epe is volop bezig met het op touw zetten van activiteiten rond de viering van 75 jaar vrijheid in 2020. De redactie van Ampt Epe is informatie aan het verzamelen. Hebt u nog geschreven informatie, foto’s, films etc. over de periode rondom de bevrijding in april 1945? Frans Schumacher en Willy Smit-Buit zullen er zeker blij mee zijn!

Volksliederen        

Daar midden in ons landje                                 Klein is het dorp, bescheiden

in d’ IJsselvallei,                                                in het zonlicht rond de kerk,

ligt vriendelijk acht eeuwen lang                        tussen akkers en weiden,

een dorp, daar wonen wij.                                  welvarend door het werk.

Bijna iedereen kent het Wilhelmus; een groot aantal van u zal ook Gelders Dreven van Jan van Riemsdijk kennen. Maar kent u ook de plaatselijke volksliederen van de gemeente Epe, zoals die van Emst, Oene, Epe, Tongeren en Vaassen? Vaassenaren kennen toch Het Cannenburgher klöksien wel!
Bent u de tekst vergeten, dan kunt u terecht op de website van Ampt Epe (www.ampt-epe.nl). Onder het tabblad Nieuws/nieuwsberichten kunt u ze vinden onder het kopje Volksliederen. Als u er nog meer kent, houden we ons van harte aanbevolen. U kunt ze mailen naar Dit e-mailadres wordt beveiligd tegen spambots. JavaScript dient ingeschakeld te zijn om het te bekijken.

Rembrandt gehuldigd met themajaar
In 2006 werd Rembrandt gehuldigd vanwege zijn 400e geboortejaar. Zijn oeuvre is onovertroffen: 700 schilderijen, 300 etsen en 1600 tekeningen. Ter gelegenheid van zijn 350e sterfjaar wordt Rembrandt opnieuw met tentoonstellingen geëerd in het Rijksmuseum en elders. Jonathan Bikker, conservator onderzoek Rijksmuseum, schreef Rembrandt: bibliografie van een rebel. Rembrandt Harmenszoon van Rijn (1606-1669) werd geboren als zoon van een molenaar uit Leiden. Hij vestigde zich in Amsterdam. Als 26-jarige schilderde hij De anatomische les van Dr. Nicolaes Tulp. Hij huwde Saskia Uylenburgh, afkomstig uit een rijke Friese familie, en verhuisde naar een deftig huis. In 1642 schilderde hij De Nacht­wacht; in hetzelfde jaar overleed zijn vrouw. Hun zoon Titus erfde Saskia’s kapitaal, maar Rembrandt kreeg het vruchtgebruik, zolang hij niet hertrouwde. Rembrandt leefde tot zijn 40e praktisch in ononderbroken welstand; daarna kwam hij in geldnood en ging hij in 1656 failliet. Met Titus en het dienstmeisje (later zijn geliefde) Hendrickje Stoffels verhuisde hij naar een huurwoning. In deze periode bereikte zijn werk een hoogtepunt. Hendrickje stierf in 1663, Titus in 1669 en enkele maanden later ook Rembrandt.